Leven op Mars in de verre oudheid

Het is plausibel dat de planeet Mars, in de verre oudheid, ooit een vruchtbare planeet was met water, vegetatie en andere vormen van leven. Op de verdorde rode planeet vinden we namelijk vele opgedroogde rivieren en zeeën, en vaak wordt in wetenschappelijke kringen gezegd dat water een vereiste is voor de vorming van leven (eigenlijk het soort leven zoals wij dat kennen). Een ramp op de planeet zou hebben moeten plaatsgevonden dat het ecologische systeem dusdanig verstoorde dat het ertoe leidde dat al het leven uitstierf, met uitzondering van mogelijk enige micro-organismen.


Fragment van de Marskaart gemaakt door THEMIS
(Mars Thermal Emission Imaging System) van NASA, van 23 juni 2010.
De afdruk van een voormalige rivierbedding is duidelijk zichtbaar.

Kunstmatige bouwwerken?
In het jaar 1976 nam de Viking Orbiter enkele foto's van de Cydonia-regio (Cydonia Mensae) op Mars waarop men een formatie aantrof dat leek op een enorm mensachtig gezicht dat ongeveer 5,5 km lang en zo'n 457 meter hoog was. NASA's officiële verklaring was dat het gezicht niets meer was dan een truc door de inval van het licht, maar latere foto's vertoonden eigenaardigheden die erop wezen dat het mogelijk toch om een kunstmatig gemaakte structuur zou kunnen gaan. Of het dan werkelijk een gezicht zou voorstellen is dan een ander vraagstuk.

                

Afbeelding van de Viking, uit 1976        Nog een afbeelding van de Viking, uit 1976

Op de nieuwere foto's gemaakt door de Mars Global Surveyor (MGS) lijkt het alsof de gezichtskenmerken niet zo sterk aanwezig zijn als op de eerdere foto's die gemaakt werden door de Viking en sommigen zagen dat dan ook als bewijs dat het niets meer betrof dan een natuurlijk gevormde rotsformatie. We moeten echter niet vergeten dat op Mars zware zandstormen woeden waardoor ook dit "gezicht" onder een dikke laag zand ligt, en iets onder een dikke laag zand zal er altijd "natuurlijk" uitzien. Vanwege de opmerkelijke symmetrie en de glad ogende, steile contouren lijkt het echter toch op of het kunstmatig

vormgegeven is en daarbij vertoond niets uit de directe omgeving dezelfde soort kenmerken. Als dit inderdaad een gezicht voorstelt dan lijkt het alsof de linkerkant (rechts op de foto) ofwel ingezakt of zwaar beschadigd is, mogelijk door een meteorietinslag. Als men heel goed kijkt kan men onder het zand details opmerken welke lijken op oogkassen met een pupil en zelfs de vorm van een neus met neusgaten.

               

Afbeelding van de MGS, 1998               Afbeelding van de MGS, 2001, Opgehoopte zandbanken                                             
Zie de gladde randen,                           en een inzakking zijn duidelijk zichtbaar.
mogelijke neusgaten en oogpupil.

In de directe omgeving van het "gezicht" zijn er ook andere formaties, die tevens zover begraven liggen onder het zand dat slechts de contouren zichtbaar zijn. Vele van deze formaties vertonen echter zulke scherpe hoeken dat deze niet natuurlijk lijken te zijn gevormd, en vanwege hun vorm lijken ze veel op de piramides zoals op aarde, maar dan vooral met minder of met meer zijdes. Één van deze "piramides" die in de buurt van het gezicht op Mars staat is informeel bekend als de "D&M Piramide", vernoemd naar de ontdekkers Vincent Di Pietro en Gregory Molenaar, die beiden computeringenieurs waren bij de NASA en zij geloofden dat het "gezicht" gemaakt was door een eeuwenoude beschaving.

              

De "D&M Piramide",                               Gedeelte van de THEMIS Marskaart van 2010
in de buurt van het "gezicht op Mars".   Enorme piramideachtige gebouwen?

Op de afbeelding hier onder gezien staat een vermoedelijk maar momenteel nog niet opgegraven piramidecomplex in Egypte, dat in augustus van het jaar 2012 werd ontdekt, op bepaalde satellietfoto's van Google Earth, door de satellietarcheologe Angela Micol uit Noord-Carolina. Omdat deze vermoedelijke piramides ook begraven zijn door zandstormen, zien ze er net zo uit als de piramideachtige formaties op Mars. De locatie van dit gebied is op het moment nog niet bekend gemaakt en zal zo blijven totdat het gebied officieel wordt erkend en zorgvuldig wordt beschermd.

 

Nieuwe ontdekte piramides in Egypte

Er zou een mogelijk verband kunnen bestaan tussen Egypte en Mars. De plaats Gizeh, waar de drie grote piramides staan, grenst aan de plaats Caïro: de hoofdstad van Egypte. In de oudheid was Caïro de naam voor de Griekse god Ares, later bekend bij de Romeinen als Mars. Hij was oorspronkelijk de god van de landbouw voordat hij de god van oorlog werd. In het Arabisch is de plaats Caïro bekend als "Al Qahira", wat ook "Mars" betekend. Waarom vernoemden de oude Egyptenaren deze stad naar Mars? Volgens de Egyptische chronologie zou Egypte voor de tijd van de farao's gesticht en geleid zijn door de goden. Zou het kunnen dat deze 'goden" deze plaats op aarde bouwden volgens de stijl van hun voormalige kolonie op Mars, zodat het vanwege de woestijnzand - dat rood kleurde in de zon - en aanwezigheid van piramides een soort van eerbetoon of kopij werd?
Op Mars zijn er overigens veel meer vreemdsoortige formaties te vinden die min of meer onverklaarbaar zijn voor de hedendaagse wetenschap. In de maand december van het jaar 2010 werd nog een opmerkelijke formatie gevonden op de Marskaart van Google. Het ligt ten oosten van de Moreux-krater en is te vinden aan de hand van de coördinaten: 41 57'46.61N 44 43'35.11E.
Het lijkt op een rechthoekige formatie, mogelijk een soort plateau of dak, met scherpe hoeken van 90 graden, wat niet of zelden natuurlijk ontstaat. Misschien is dit wel een gebouw dat voor het grootste gedeelte onder het zand ligt.

Gedeeltelijk begraven rechthoekige formatie?

Zecharia Sitchin over het gezicht op Mars

Zecharia Sitchin's vertaling en reconstructie van de autobiografie van de Soemerische god Enki, genoemd: "The Lost Book of Enki (2001)" (het verloren boek van Enki), gebaseerd op zijn vertaling van de Soemerische kleitabletten. Het verhaal vertelt, onder andere, over Alalu (mogelijk bekend als "Cronus" in de Griekse mythologie); de meedogenloze voormalige koning van de planeet Nibiru, die vluchtte naar de planeet Aarde ("Ki" in het Soemerisch), nadat hij verslagen werd door Anu, die vervolgens de nieuwe koning werd. Vanwege de noodzakelijke vlucht door de asteroïdengordel om de aarde te kunnen bereiken was dit een levensgevaarlijke onderneming dat vanwege dit gevaar nooit eerder door de Nibiruanen was gepoogd. Hij zag er waarschijnlijk zelf meer tegenop om gevangen te worden genomen door koning Anu, en tevens omdat zijn onderzoek op aarde een grote verdienste zou zijn voor de inwoners van Nibiru, had hij de stille hoop om later ooit Nibiru weer te herclaimen. Hij was blijkbaar de eerste inwoner van Nibiru die op aarde aankwam zo'n 500.000 jaar geleden. Er werd gehoopt om op aarde een overvloed aan goud aan te treffen, wat gebruikt zou kunnen worden om de atmosfeer van hun stervende planeet Nibiru te repareren, maar dit viel echter tegen en men zou dit goud voornamelijk diep in de aarde aantreffen wat zeer zwaar werk was om dit boven te krijgen. Later arriveerden Anu's zonen Enki (Ea) en Enlil met hun staf om op aarde het goud te delven.
Later zou Alalu nog eens met Anu om de heerschappij van de planeet Nibiru hebben gevochten, wat ditmaal gebeurde middels een ongewapende worstelwedstrijd van man tegen man. Alalu verloor echter en castreerde Anu in zijn frustratie. (Opvallende gelijkenis met de Griekse mythologie waar Uranus gecastreerd werd door Cronus.) Vanwege deze misdaad werd hij zwaar bestraft en werd verbannen naar de planeet Mars. Alhoewel het niet de bedoeling was om hem te doden stierf hij echter toch binnen een korte tijd op Mars. Mogelijk vanwege het besef dat hij veel te zwaar was gestraft en het feit dat zijn leven hoe dan ook toch een grote verdienste was voor de inwoners van de planeet Nibiru, werd hij met respect begraven in een zeer grote grot waar men het gezicht van Alalu in uitsneed. Hierdoor werd deze grot een gedenkteken voor zijn heldhaftige reis naar de planeet Aarde, waar hij vanaf de planeet Mars naar de planeet Aarde leek te kijken. Natuurlijk doet dit verhaal sterk denken aan het vermeende "gezicht op Mars" van de Cydonia-regio op Mars, en toeval of niet; de Griekse godin Cydonia is de godin van de heldhaftigheid.
Marskolonisten die de Igigi werden genoemd zouden dit specifieke gebied van Mars hebben gebruikt als een tijdelijk tussenstation voor het goudtransport van de aarde naar Mars. Dit is waarom er hier deze piramide-achtige formaties en andere bouwwerken zouden kunnen staan in de buurt liggen van het "gezicht op Mars”.

"The Face on Mars": het stripverhaal
Hier lijkt iets vreemds aan de hand: In de maand september van het jaar 1958 werd een stripboek gepubliceerd met de naam: "The Face On Mars". Dit was echter 18 jaar voordat het zogenaamde "gezicht op Mars" gevonden werd door de Viking Orbiter in het jaar 1976. Kirby's uitbeelding van het "gezicht" lijkt ook wel op de echte, tot hoever we het gezicht van Mars onder zijn zandlaag kunnen waarnemen. Het grootste verschil is dat het gezicht in de strip rechtop staat in plaats van ligt.
Hoe kon hij van het gezicht op Mars geweten hebben? Jack Kirby en ook andere stripboek auteurs zochten hun inspiratie onder andere in oude mythologieën en legendes en misschien is het mogelijk dat hij al zeer vroeg afwist van het verhaal over Alalu van de Soemerische kleitabletten. Het is namelijk opmerkelijk dat hij "schitterende reuzen" (magnificent giants) noemt wat mogelijk ontleent kan zijn aan de term Annunaki wat de "schitterende" betekend, waarschijnlijk bedoeld in de zin van "de magnifieken", en wat vroeger als een ander woord voor Anunnaki werd beschouwd en misschien wel zo beschouwd zou moeten worden. Aangezien de zonen Gods en de mensendochters "reuzen" baarden lijkt het voor de hand te liggen dat deze oorspronkelijke zonen Gods tevens van een grotere statuur waren. Een complete beschrijving van de strip, afkomstig van de website: www.comicbookresources.com

 

Het Gezicht op Mars", getekend door Jack Kirby en ingekleurd door Al Williamson. – Op een expeditie van de maan van de aarde naar de planeet Mars, ontdekten een internationaal team van astronauten - geleid door de Amerikaan Ben Fisher - een enorme sculptuur van een Marsgezicht - wat zo groot is als een berg! Stijgend naar de ondoorgrondelijke holle ogen van het beeld, stortte Fisher naar binnen, waar hij een groen, met zonlicht verlicht platteland aantrof met fris, rijk en adembare lucht, waar een beschaving schuilt van 'schitterende reuzen'. Plotseling wordt de stad van een andere wereld aangevallen door insectachtige vliegtuigen welke het thuisland van de reuzen in ruïnes bombardeert. Buiten woede, stort Fisher zich op de aardappelachtige indringers welke uit het landende vliegtuig tevoorschijn komen, om hen te laten proeven van hun eigen 'medicijn'.” Ontsteld door de moedwillige vernietiging vindt Fisher uiteindelijk een verborgen bolwerk van de overlevende leden van het ras van de Marsreuzen. Terwijl hij afluistert, ziet de aardman dat één van hen een raket bestuurt om de thuisbasis van hun vijand te vernietigen, een onbekende planeet die zich ergens tussen Mars en Jupiter bevindt!

Plotseling begint Fisher naar adem te snakken! Het bewustzijn verliezende wanneer hij in de vergetelheid valt, wordt Fisher uiteindelijk wakker op de vloer van de woestijn op Mars, met een zuurstofmasker op zijn gezicht, terwijl zijn expeditiekameraden over hem zweven.
Fisher legt uit dat het beeld [het gezicht op Mars] een 'zichtbare geschiedenis bevat van de heldhaftige dood van een ras - en de overwinning van een overlevende herinnering'. Wanneer ze later hun raket naar Jupiter besturen, bekijken Fisher en zijn team nauwlettend de met puinhopen bestrooide asteroïdengordel - 'de delen van een planeet welke opblies tussen Mars en Jupiter...''

De jongen van Mars

In het jaar 2004 begon de zevenjarige jongen Boris Kipriyanovich, ook wel bekend als "Boriska" (kleine Boris), rond een kampvuur bij een expeditie in Medvedetskaya (een anomaliegebied gelegen ten noorden van de regio van Volgograd) de medewerkers in levendige details te vertellen over wat hij zijn vorig leven op de planeet Mars noemde. Hij vertelde over hun ruimteschepen, hun reizen naar verschillende planeten, megalithische steden, de oude beschaving van Lemurië en de beschaving van de Maya's.
Vele van de medewerkers waren stomverbaasd over zijn diepzinnige kennis, zijn specifieke terminologie en zijn hoge intellect voor een zevenjarige jongen, en hierdoor geloofden velen niet dat hij dit allemaal slechts zou hebben verzonnen. Zijn verhaal duurde ongeveer anderhalf uur en werd opgenomen met een bandrecorder.

Boriska zei dat de planeet Mars bewoonbaar was toen hij daar woonde. Maar omdat de planeet haar atmosfeer verloor door een hevige oorlog, de enkele overgebleven inwoners waren gedwongen om te leven in ondergrondse steden. Hij vertelde dat hij vaak in een ruimteschip naar de aarde vloog gedurende missies welke gemoeid waren met handel en wetenschappelijk onderzoek, met inbegrip van het transport van water van de Aarde naar Mars in een poging om de atmosfeer van Mars te herstellen. Dit gebeurde met verschillende ruimteschepen waaronder hij een moederschip beschreef als een groot cilindervormig voertuig dat kleinere ruimteschepen kon vervoeren. (De cilindervormige vorm doet denken aan de voorheen genoemde  Atlantische “Vailx”; nog een aanknopingspunt dat de Vailx gebaseerd zou kunnen zijn op zeer oude Martiaanse technologie.) In aardse tijd speelde dit zich af aan het einde van de Lemuriaanse beschaving, zo'n 80.000 jaar geleden dacht hij, toen er op een gegeven moment een enorme catastrofe plaatsvond waarbij het continent van Lemurië uit elkaar brak uiteindelijk onder water verdween. De Lemurianen zouden zichzelf hebben vernietigd omdat het hen aan "spiritualiteit" zou ontbreken, "magie" deed de rest.
Toen hij vijf jaar oud was begon hij te spreken over een planeet die hij "Proserpina" noemde, welke in stukken was gebroken door een kosmische ramp welke miljoenen jaren geleden gebeurde. De inwoners van deze planeet werden verplaatst naar de vijfde dimensie: een parallelle wereld aan onze bekende dimensie. Boriska zou de vernietiging hebben gezien vanaf Mars. Hij vertelde dat planeet Aarde een bewust levend wezen is dat zorg nam voor de kinderen van Proserpina om hen te onderwijzen. Op het moment zullen er volgens Boriska kinderen geboren worden die in staat zijn om deze planeet te herkennen die zichzelf "buitenaards" voelen. Soms ontmoeten ze elkaar in dromen.
Later werd er in het jaar 2005 een nieuwe planeet ontdekt dat een baan volgt voorbij de baan van Pluto dat tevens vernoemd werd naar de Romeinse godin "Proserpina" (wat "te voorschijn komen" betekend), maar heeft natuurlijk niets te maken met de planeet waar Boriska eerder over had gesproken. 
Zou het kunnen dat er ooit nog een andere, nu verloren planeet binnen ons zonnestelsel zou zijn geweest? Gedurende de achttiende eeuw, volgens de nu ongeloofwaardig geachte Wet van Titius-Bode (een wet welke de onderlinge afstand van de planeten in het zonnestelsel zou kunnen voorspellen), werd het beschouwd dat er ooit nog een andere planeet zou moeten hebben bestaan in ons zonnestelsel tussen Mars en Jupiter. Deze planeet werd onder de astronomen "Phaeton" en "Astera" genoemd. (Het Griekse woord "astra" betekend "ster", en het woord "asteroïde is hiervan afgeleid.) Deze planeet zou ook bekend geweest zijn als de planeet "Maldek", volgens theosofische kringen.
Volgens Zecharia Sitchin's interpretatie van het Soemerische scheppingsverhaal zou dit de planeet "Tiamat" geweest zijn, welke vernietigd werd gedurende een grote botsing met de planeet "Nibiru". Hierna kwamen Tiamat's grootste brokstukken terecht in een nieuwe baan en werd uiteindelijk de aarde (Ki) en de maan (Kingu), en haar kleinere brokstukken vormden de ring die we vandaag de dag kennen als de asteroïdengordel, gelegen tussen Mars en Jupiter. Het tekstgedeelte dat beschrijft wat uit de grote helft van Tiamat was ontstaan is echter zo vaag beschreven dat het tevens een andere planeet van de grootte van de aarde zou kunnen betreffen, zoals de planeet Venus.

Trance-medium Douglas James Cottrell over Mars
Volgens de sessies van trancemedium Douglas James Cottrell (PhD) zou er zo'n dertig biljoen jaar geleden (toen de Noordpool gericht stond naar de constellatie van de Grote Beer) intelligent leven zijn geweest op Mars met dieren, groene planten en mensachtigen, voordat er een grote ramp gebeurde waarbij de manen van Mars en Jupiter met elkaar in botsing kwamen waardoor de planeet Mars begon te tuimelen, waarbij het draaide van het oosten naar het westen maar ook van het noord-oosten naar het zuid-westen, totdat de planeet zichzelf had gestabiliseerd. Dit tuimelen zorgde voor schommelingen tussen extreme hitte en extreme koude waardoor de planeet haar stabiliteit niet kon behouden en uiteindelijk in een barre, droge woestijn veranderde. Mars raakte tevens verder uit haar omloopbaan, verder verwijderd van de zon. 
De mensachtige Martianen poogden in hun ruimteschepen te ontsnappen naar andere planeten waaronder Venus en planeet Aarde. Velen kwamen hierbij om het leven, maar degenen die op aarde aangekomen waren overleefden het en werden Aardbewoners. Volgens Cottrell is er zeer weinig verschil tussen de moderne mens en deze "mens" van Mars uit lang vervlogen tijden, afgezien van het verlies van spierkracht ten gevolge van de zwakkere zwaartekracht op aarde in vergelijking met de zwaartekracht op Mars.
Uit zijn sessies was het echter niet duidelijk of dat er in en voor deze tijden al mensen op aarde waren. Als dat namelijk het geval was, dan is het mogelijk dat deze vluchtelingen van Mars de zogenaamde "zonen Gods" (zonen van God/Bene Elohim/Igigi) zouden kunnen betreffen, welke in de oude teksten werden genoemd en zich in de oudheid met de mensen op aarde hadden vermengd. Volgens Zecharia Sitchin's vertaling van de Soemerische kleitabletten hadden de Igigi een tussenstation op Mars (Soemerisch: Lahmu), wat zou kunnen betekenen dat de Igigi kolonisten van Mars waren.
Cottrell bevestigde ook het bestaan van de zogenaamde "piramides" en andere kunstmatige bouwwerken op Mars, welke overblijfselen zouden zijn van de toenmalige architectuur. Er zouden woningen en tempels gebouwd zijn, reflectoren en verzamelpunten van energie (zonne-energie en dergelijke), en stations voor magnetische en antimagnetische verstoring van de paden of de rasters op de planeet, zoals tevens te zien is in bepaalde tempels op aarde [tempels, piramides en dergelijke] waar mica in de basis aanwezig zou zijn.
De auteur Wayne Herschel suggereerde eerder al dat zowel de bouwwerken in Abu-Sir in Egypte als de "piramides" en het "gezicht op Mars" op Mars, beide het sterrencluster van Pleiades zouden kunnen weerspiegelen. Had men hier de bedoeling om opnieuw een gelijksoortig netwerk aan te zeggen zoals op Mars?

(Bronnen: "Douglas James Cottrell PhD: Ancient Mars: Forgotten History 1/2" en het tweede deel, beide door Rammsteinregeln.)

Mars in andere oude culturen
Niet alleen in de oude Soemerische kleitabletten vinden we mogelijk aanwijzingen vinden dat de mensheid, of een gedeelte van de mensheid, gedeeltelijk of meer van buitenaardse origine zou kunnen zijn. De Zulu-stam uit Afrika zou ons verteld hebben dat hun voorouders hun oorsprong hadden op de rode "ster" die men "Liitolafisi" noemde, dat "het oog van de bruine hyena" betekend, en welke ons bekend is als de planeet Mars. Een lange tijd geleden zou men naar de aarde gekomen zijn in ruimteschepen waar men in het begin de Sahara-woestijn bevolkt zou hebben wat toen nog een tropisch regenwoud was. "Unkulunkuli" is de naam van hun God en is volgens hen de eerste "man" en is aanwezig in de gehele schepping. "Unkul" lijkt wel wat op "Incal"; de Atlantische benaming voor God volgens het eerder genoemde boek: "A Dweller on Two Planets".
Mogelijk is er dan ook een verband tussen de Zulu's en de Olmeken uit het oude Meso-Amerika, die volgens de huidige geschiedkundigen de voorlopers van de Maya's waren, voordat hun wrede leiders werden verstoten. We kennen de Olmeken vanwege de kolossale stenen "Olmeekse hoofden", die met zeer verfijnde precisie gemaakt zijn en onder het zand gevonden zijn in Veracruz, in Mexico. (Waarschijnlijk later begraven om hun negatieve invloed ongedaan te maken aangezien men ze blijkbaar niet of nauwelijks kon vernietigen of verplaatsen.) Het kan iemand niet ontgaan dat sommigen van deze beelden duidelijk Afrikaanse negroïde trekken vertonen, terwijl, volgens het huidige archeologische beeld, er toen geen negroïde ras in Amerika zou bestaan en er geen sprake was van trans-Atlantisch contact tussen Afrika en Amerika.
Unarius is een non-profit organisatie die opgericht was in 1954 door de Amerikaanse elektrotechnicus Ernest L. Norman (1940-1971), dat het doel had om een nieuwe "interdimensionale wetenschap van het leven" uit te dragen dat gebaseerd was op vierdimensionale natuurkundige principes, verkregen door middel van door hemzelf gechannelde informatie van intelligente wezens die verbleven op hogere frequentiegebieden. In zijn boekje:  The Thruth about Mars (1956), schreef hij dat er zelfs vandaag de dag nog steeds leven zou zijn op Mars en er zouden zelfs op beperkte schaal nog "mensen" leven in ondergrondse steden die met elkaar verbonden zouden zijn door reusachtige metalen buizen met een diameter van 91,4m tot 152,4m (driehonderd tot vijfhonderd voet in diameter), waarin lange monorailvoertuigen zich stil en zeer snel van de ene stad naar de andere konden verplaatsen.


Een close-up van één van de geribbelde transparante "buizen" op Mars.

Pas vroeg in het jaar 2000 werd onder publieke druk de wetenschappelijke data van de eerste MGS MOC (Mars Orbiter Camera) aan het grote publiek vrijgegeven waarbij foto's te zien waren van de oppervlakte van Mars. De Amerikaanse auteur Richard Hoagland ontdekte op deze foto's kilometers lange geribbelde "buizen" waar op bepaalde plaatsen de weerkaatsing van licht te zien was. (Zie afbeelding hierboven.) Hierdoor was de indruk ontstaan dat deze van een doorzichtig materiaal zoals glas zouden kunnen zijn, of misschien een soort plastic aangezien deze buizen wel elastisch lijken zoals bij een stofzuigerslang. Zouden dit misschien de buizen kunnen zijn waar Norman tientallen jaren eerder over sprak?
Volgens Norman zouden de Marsbewoners oorspronkelijk van een andere (niet bij naam genoemde) planeet gekomen zijn welke stervende was. Meer dan een miljoen jaar geleden zou men op Mars aangekomen zijn en daarnaast stichtte men tevens een kolonie op Aarde dat door de evolutie der tijd het hedendaagse Chinese ras werd. Mogelijk betrof dit de beschaving van het legendarische continent Mu of Lemurië, dat nog voor Atlantis bestaan zou hebben en wat zich zou hebben bevonden in de Grote Oceaan totdat het meeste land van dit continent verzonk ten gevolge van hevige vulkaanuitbarstingen. (Volgens Douglas James Cottrell zou dit rond de periode van 250.000 v.Chr. gebeurd zijn).
Norman beschreef de groeperingen die we nu kennen als de Mongolen en de Tataren als hoofdzakelijk woeste rondtrekkende nomadenstammen die afstamden van het Arische ras. (Volgens Edgar Cayce en andere paranormaal begaafden waren de Ariërs afstammelingen van één van de rassen afkomstig van Atlantis, en zoals eerder aangegeven is het mogelijk dat het Arische ras tevens afkomstig zou kunnen zijn van Mars.) Deze kolonisten van Mars zouden met deze stammen veel problemen hebben gehad. Alhoewel ze wapens hadden dat deze nomadenstammen volledig uit kon roeien deden ze dat niet omdat ze niet hun naasten wilde doden. Hij noemde tevens in zijn boek dat de verschillende dynastieën van het Chinese Keizerrijk voor het grootste gedeelte direct te traceren zouden zijn naar de lijn van dit ras van Marsbewoners. 
Nabij de stad Xi'an (dat in de oudheid Chang'an heette) bevinden zich 90 tot mogelijk 100 gebouwen die bekend staan als de Xianyang-piramides, welke gewoonlijk beschouwd worden als graven voor verscheidene vroege keizers van China en hun familieleden.  Dorpsbewoners uit de nabije omgeving beweren echter dat hun verre voorouders over grote luchtschepen spraken die door de hemel vlogen en het terrein van de piramide gebruikten als een plaats om te landen, te tanken en om hun voorraad aan te vullen. Deze piramides hebben namelijk een afgeplatte top net zoals bij de piramides in Teotihuacan in Amerika, dat mogelijk tevens een vliegbasis geweest zou kunnen zij dat oorspronkelijk door de goden oftewel de Atlanteanen zou zijn gebouwd.
Volgens de Duitse schrijver en onderzoeker Hartwig Hausdorf schreven en benadrukten de oude keizers van China zelf hun eigen bewering dat hun eigen voorouders niet van de Aarde kwamen maar dat zij de afstammelingen waren van de "zonen van de hemel", die op deze planeet kwamen in hun woeste metalen "draken". Het zou mogelijk zijn dat hun vliegmachines of ruimteschepen hen deed denken aan draken. 

De Yellow Emperor

Hier vinden we mogelijk een bijzondere overeenkomst tussen de bouw van piramides in China wat men mogelijk tevens al deed op hun vroegere thuisplaneet: Mars. Het lijkt erop dat de technologie en gebruiken van de Marsbewoners, zoals de kennis van de natuur en de bouw van piramides, een zeer lange tijd op aarde behouden is en dat de beschaving van Atlantis hier gebruik gemaakt zou hebben totdat deze kennis uiteindelijk op den duur verloren raakte, mogelijk als resultaat van natuurrampen waarbij volgens Plato voornamelijk de ongeletterde in de bergen het overleefden.
De meest besproken Chinese piramide is de Grote Witte Piramide, oftewel het Maoling Mausoleum dat geschat wordt op een hoogte van 60 tot 300 meter. Van deze piramide wordt gezegd dat deze van grond was gemaakt, niet van steen, en dat deze grond pas na een lange tijd versteend was geraakt. Als dit waar is dan zou dit betekenen dat deze piramide wel héél erg oud zouden moeten zijn. Vandaag de dag zijn veel van deze piramides beplant met bomen en andere begroeiing, mogelijk om ze uit het zicht te onttrekken of misschien om verdere erosie tegen te gaan. (De locatie van de Grote Witte Piramide is te vinden op Google.


Twee van de nog goed zichtbare piramides in de provincie van Shaanxi.

In het jaar 2011 heeft een team van negen Chinese onderzoekers van het Xinhua-agentschap een zekere Xianyang-piramide onderzocht (mogelijk betrof dit de Grote Witte Piramide). Hier onderzocht men drie grotten waar men roodkleurige pijpen vond die zowel richting de berg leidden als naar een nabijgelegen zoutwatermeer. Ook boven de grotten waren tientallen pijpen aangetroffen van variërende diktes die in de bergwand staken, waarbij men tevens overal stukken pijp aantrof die in gruzelementen lagen. Omdat het materiaal van de pijpen voornamelijk uit silicumdioxide en calciumoxide bleek te bestaan, wordt aangenomen dat deze pijpen zeer oud moeten zijn; Volgens ingenieur Liu Shaolin, mogelijk wel 12.000 jaar oud. (Bron: beforeitsnews.com)